 |
 |
In het voorjaar, wanneer de bloemtrossen
in de plant zichtbaar worden, moet men bedacht zijn op nachtvorst.
Nachtvorst ontstaat als door uitstraling van de aarde of soms aangevoerde
kou de temperatuur 's nachts (maar meestal vroeg in de morgen) daalt
onder 0 °C. De temperatuur kan dan zo laag worden dat de bloemen
bevriezen en er schade aan het gewas ontstaat. Door 's nachts met
water het gewas te beregenen kan de temperatuur rond 0 °C worden
gehouden, zodat de bloemen niet bevriezen. De aardbeienvelden worden
cyclisch beregend. De regenleidingen sproeien dan in beurten één
minuut over het gewas met tussenpozen van maximaal 5 minuten. De sproeiers
moeten dan minimaal één keer rond gaan en alles goed
bedekken. Nachtvorsten kunnen nog zelfs in de maand juni voorkomen
wanneer de aardbeien al vruchten dragen. |
 |
|
 |
Wanneer de temperatuur schommelt
tussen 0 en -1 °C wordt de beregening automatisch ingeschakeld.
Dit gebeurt door nachtvorstmelders die in het veld staan. Om een nachtvorst
van -5 tot -6 °C op te kunnen vangen is ongeveer 3 liter water
per vierkante meter nodig.
Door de stollingswarmte van het water blijft het 0 °C. |
 |
 |
| |
 |
|
Wanneer de totale plant bedekt
is met stollend water of smeltend ijs kan er weinig gebeuren. Wel
wanneer er in de ochtend te vroeg gestopt wordt met beregenen, dan
trekt het ijs nog snel de warmte uit de bloem.
Pas wanneer het ijs uit zichzelf van de plant valt kan er gestopt
worden met beregenen. |
 |
 |
| |
 |
|
| Het nadeel van nachtvorstberegening
is dat er grote hoeveelheden water op de velden terecht komen. Soms
zoveel dat de bladeren van de planten door het vele ijs afbreken.
Ook kunnen wortels afsterven doordat ze te lang in het water staan
en geen lucht meer krijgen. Bij het ergste geval verwelken deze planten
en gaan een aantal weken later dood. |